Voor de natuur op de eerste plaats maar ook voor de agrarische sector zelf, zijn er grote problemen

ontstaan. De waardevolle natuur in ons gebied is zeer sterk verdroogd door de grote verlaging van de waterstand.Door steeds meer vee kregen we ook meer mest; meer dan goed was voor de grond. Hierdoor ontstond verzuring van de grond en een sterke vervuiling van het grondwater. Niet alleen de boeren met hun mest zorgden voor verzuring, ook de industrie en niet te vergeten de uitlaatgassen van de auto’s droegen daar een steentje aan bij. De grote verkaveling van het slagenlandschap heeft veel planten, vogels en dieren doen verdwijnen uit onze omgeving. De grote karekiet is niet meer te horen, de zwarte stern (hier putspreeuw genoemd) bouwt zijn nest niet meer op de krabbescheervelden. De huiszwaluw is een zeldzaamheid, evenals de veldleeuwerik. Waar zijn de blauwe gentianen gebleven, de vele orchideeën, Spaanse ruiter en vele, vele andere planten? Maar ook de boomkikker, het gentiaanblauwtje, de geelgerande watertor enz.
Schreef Lucebert niet: “Alles van waarde is weerloos”?

Al deze ontwikkelingen, waarvan de gevolgen voor de natuur dramatisch zijn en de agrarische sector zelf ook met steeds grotere problemen krijgt te maken, moet ons de vraag doen stellen, hoe moeten het verder. Water, bodem en lucht worden steeds meer verontreinigd, grondstoffen en energie verkwist. Wij hebben de aarde gekregen om op te wonen, de aarde geeft ons voedsel en edu keerzijdegrondstoffen, maar we moeten hier ook zuinig en goed mee omgaan, opdat ook andere mensen te eten en te drinken hebben en ook de volgende generaties.Gelukkig krijgen natuur en landschap weer meer aandacht. Hierbij denk ik aan het Natuurbeleidsplan dat in 1990 door onze overheid is gepresenteerd en als doel heeft, om door geheel ons land een blauwe en groene dooradering te krijgen, waar planten en dieren zich kunnen handhaven. Deze gebieden noemen we de Ecologische Hoofd Structuur, afgekort E.H.S. In 2003 zijn de natuurgebieden in de Langstraat onder Europese bescherming geplaatst vanwege de grote zeldzaamheid van planten en dieren die hier nog voorkomen. Dit zijn de gebieden Den Dulver, de Dullaert, de Hoven, de Dellen en het Labbegat. Deze natuurgebieden worden samen genoemd, Natuurgebied de Langstraat.

Er is uitvoerig stilgestaan bij het ontstaan van het slagenlandschap waar nog steeds een gedeelte van te zien is. Nog vele andere herkenbare herinneringen uit het verleden, b.v. de huizen die zo schuin op de weg staan in de Heistraat, de vaarten, dijken en gebouwen (denk aan kasteel Zuidewijn) vertellen ons over de ontwikkelingsgeschiedenis van ons dorp. Zo heeft onze overheid in 1999 besloten, dat de cultuurhistorie van Sprang-Capelle (en ook Waspik) zo belangrijk is dat we dit als erfgoed moeten beschermen en bij nieuwe ontwikkelingen hier rekening mee moeten houden. We noemen dit een ‘Belvederegebied’.Opdracht: Verzamel met elkaar alle berichten uit de krant van een week, die te maken hebben met honger, verkwisting, armoe en rijkdom, planten en dieren die uitsterven en bespreek dit met elkaar.