door Piet van Ferneij

Wil ik op een donderdagmiddag eens bijpraten in ‘Ons Huis’, dan moet ik wel een verlofdag opnemen. Voor excursies of andere activiteiten vaak idem dito.Daar pas ik dus voor. De lezing van Piet Konings over de Capelsedreef, ja daar was ik wel bij, dat was eigenlijk voor mij nog het enige dit jaar. Maar als het even lukt, wil ik toch proberen er weer zoveel mogelijk bij te zijn. “Veel ben ik opgetrokken met Wijnand Konings en ik was hem behulpzaam bij het uitwerken van zijn fietstochtengids voor Sprang-Capelle. Het verbaast me dat er nu nog steeds weinig schot zit in het oplossen van naar ik vermoed alleen maar een communicatiestoring met Wijnand. Maar Piet Konings en Rien Visser werken ernu aan.”

”Wat me eigenlijk ook verbaast dat het grafmonument van Jan de Rooij er op de begraafplaats aan de Tilburgseweg bepaald niet verzorgd uitziet. Jan is voor ons toch ‘de redder van Brabant’. Kunnen we daar als vereniging niet wat extra zorg aan of aan laten besteden? Oh ja, en dan nog dit, reken maar op me bij het samenstellen van het straatnamenboek van Sprang-Capelle.”

gesprek vost

Dick, bedankt.

“Dat moet nu bijna tien jaar geleden zijn. Lid worden van de heemkundevereniging en meteen ook nog een van de jongste leden zijn. Er is in de jaren van mijn lidmaatschap toch wel wat veranderd. De eerste jaren was mijn betrokkenheid erg groot bij veel, eigenlijk bij alles wat er gebeurde. Overal wist ik wat van, kreeg informatie, ging opzoeken en zelf uitzoeken. Erg goede herinneringen bewaar ik aan de vele gesprekken, de speurtochten naar foto’s, brieven, rekeningen voor mijn publicatie in ‘Bruggeske’ over de familie Oerlemans en het Labbegat. Terzijde, het wordt nu toch wel eens tijd dat op de voor- of achterzijde van ’Bruggeske’ een datum van verschijnen vermeld wordt. Een enorme informatiebron en aanvulling voor de vereniging is trouwens onze website. Zeer professioneel, klasse. Alhoewel, ik moet bekennen, dat ook ik veel te weinig gebruik maak van de site. Dom natuurlijk. Gelukkig geeft ons nieuwe periodiek ‘Het kostersluik’ nu ook duidelijke informatie over wat er zoal gebeurd is of wat er nog staat te gebeuren aan excursies, lezingen en vergaderingen.”
“Toch waren mijn persoonlijke contacten in het begin anders, intensiever denk ik. Mogelijk door de andere samenstelling van het bestuur, door een andere wind dus, maar vooral door mijn nieuwe werkomgeving veranderde dat. Nu reis ik al weer een paar jaar dagelijks naar Dordrecht in plaats van naar Verolme-Heusden. Wat een verschil. Bijna alle avonden dus laat thuis door fileleed. Dat vraagt hier thuis steeds om aanpassingen, naar andere invullingen dus."