Na de Algemene ledenvergadering liep de Beatrixzaal van cultureel centrum ‘Zidewinde’ helemaal vol. In zijn welkomstwoord benadrukte voorzitter Piet Pruijssers, dat het niet zo verwonderlijk was na alle publiciteit rond het verschijnen van het boek ‘Van Overlaat tot Drongelens Kanaal’, door Gini van Wijk.

Meer dan 200 pagina’s telt zijn boek met veel unieke foto’s en topografische kaarten. En nu stond de auteur hier in Zidewinde. Hij zou vanavond de lezing verzorgen. Ongeveer 140 belangstellenden telden we, er stond vanavond dan ook wel iets unieks te gebeuren. Vandaar die ‘invasie’. De laatste bezoekers moesten zelfs nog zoeken naar een parkeerplaats. Onze voorzitter verwelkomde niet alleen Gini van Wijk, maar ook de vaste kern van onze heemkundevereniging en de vele geïnteresseerden uit de regio, o.a. uit Waalwijk, Doeveren, Drunen, Elshout, Heusden, Nieuwkuyk en Vlijmen.

In zijn voordracht verwees de auteur naar de rode draad in zijn boek. “Het gaat over twee voor die tijd inventieve waterbouwstaatkundige oplossingen in de Oostelijke Langstraat, grofweg tussen Den Bosch en Waalwijk. Aangelegd tussen 1766, de Baardwijkse Overlaat en van 1906-1911, het Drongelens Kanaal. Beide grote werken aangelegd om het overstromingsgevaar rondom ’s-Hertogenbosch tegen te gaan en om de problematiek van de wateroverlast in de Langstraat voor eens en voor altijd op te lossen. Op de achtergrond loopt een geschiedkundig verhaal synchroon mee. Gini van Wijk uit Drunen, bestuurslid van de Heemkundekring Onsenoort uit Heusden, beschrijft in zijn boek het ontstaan, het waarom en de gevolgen van de Baardwijkse Overlaat en de aanleg van het Drongelens Kanaal met daarbij de ontwikkelingen rond deze waterstaatkundige hoogstandjes”.
Op 23 maart zal de officiële overhandiging van het boek plaatsvinden door de auteur aan de dijkgraaf van het waterschap Aa en Maas.

Wat we aan interessants vanavond allemaal te horen en te zien kregen is eigenlijk te veel om hier te vermelden. Een gedreven Gini van Wijk vertelde en toonde aan de hand van oude tekeningen en kaarten, dat door de eeuwen heen de ontstaansgeschiedenis van zowel de westelijke als oostelijke Langstraat er een van kommer en kwel is geweest.
In 1421 was het pas echt heftig met de bijna alles verwoestende Sint-Elisabethsvloed, die bijna tot in ’s-Hertogenbosch reikte.  

De periode na 1421 tot 1745 beheerste de constante wateroverlast het denken èn het zoeken naar oplossingen. Maar helaas was het aanleggen van dijken en ze weer herstellen, nieuwe vaarten en kanalen graven, sluizen plaatsen en wat al niet meer, vaak niet afdoende. Maar in de presentatie van vanavond  kregen, mogelijk omdat ze toch het meest tot de verbeelding spraken, de overlaten èn de door de eeuwen heen ontstane wielen, de meeste aandacht.

Na weer een zware watersnoodramp in 1745 in de Langstraat, waarbij ook het Haarsteegsewiel ontstond, werd onder leiding van dijkgraaf Martinus van Barnevelt een plan uitgedacht om het water ten zuiden van de Oostelijke Langstraat(Heidijk) af te voeren door een overlaat tussen Baardwijk en Drunen en, van daar door de buitenpolders van Waalwijk en Waspik af te voeren naar de Biesbosch. De Baardwijkse Overlaat was geboren, die uiteindelijk in 1766 dan toch gereed kwam. Aanvankelijk was de ‘overlaat’ 600 meter breed, maar ijsvorming veroorzaakte verstoppingen en ijsdammen. Regelmatig ontstonden daardoor dan ook dijkdoorbraken in o.a. Haarsteeg, Hedikhuizen en Doeveren en meerdere malen ook in de Elshoutse Zeedijk.

Bekende rampjaren voor De Langstaat waren 1740, 1775, 1795, 1799 en 1809 met veel verdrinkingsdoden en vernielingen tot gevolg. In de overlaat ontstonden door ijsophoping en uitschuren door ijsschotsen nog meer wielen en grondgaten, die ook nu nog aanwezig zijn. In 1826 is, om het water en het ijs sneller te kunnen afvoeren, de Baardwijkse Overlaat tot 1000  meter verbreed. Aan beide zijden van de Elshoutse Zeedijk, die recentelijk een opknapbeurt achter de rug heeft, zijn de wielen nog te zien. De vele fietsers onder ons zullen ze wel opgemerkt hebben. In de 19e eeuw werden er veel kanalen gegraven veelal uit economische overwegingen. Hier in de Langstraat zijn, ook om verder wateroverlast terug te dringen, de Bergse Maas van 1895 tot 1904 en vanaf 1906 het Drongelens Kanaal gegraven.

In ieder geval de interesse voor Gini van Wijk’s boek ‘Van Overlaat tot Drongelens Kanaal’ was volop gewekt en ik zal zeker niet de enige zijn die het boek meteen gaat bestellen, lezen en vooral, er van genieten.
Met een hartelijk applaus bedankten de aanwezigen Gini van Wijk.